Walter


Noodlot

Jij bent niet de laatste haven
Jij bent het tovereiland
aan het strand ligt de boot
klaar voor de golven
terug naar de laatste haven
ze kunnen zonder mij vertrekken
mijn hart is te groot geworden voor het anker
wat weet een matroos van het kruis?

Op het tovereiland vervliegt
de gedachte aan de laatste haven
tussen pauwen en salamanders en bloemen
bloemen bloemen bloemen

Ik zet mijn handen aan mijn mond en ik roep
doe ze de groeten in de laatste haven

De toverfee is een strenge meesteres:
als je dat verdomde vieze roken niet kunt laten
sodemieter dan op naar de laatste haven
en zet die rotradio af

Dan houd ik van je